Gepost door: Michaël Laurent | 19 mei 2009

Vals-positieve resultaten bij kankerscreening

Croswell JM, et al. “Cumulative Incidence of False-Positive Results in Repeated, Multimodal Cancer Screening“. Ann Fam Med. 2009;7:212-222. [PubMed]


De leden van de lopende Prostate, Lung, Colorectal, and Ovarian (PLCO) Cancer Screening Trial onderzochten de cumulatieve incidentie van vals-positieve resultaten (en dus nodeloze invasieve onderzoeken, onnodige angst van patiënten en veel kosten) bij kankerscreening.

De PLCO trial is een gerandomiseerde studie waarbij het effect van screening wordt onderzocht op kankerspecifieke mortaliteit voor prostaat-, long-, colorectale en ovariumkanker (enkel voor colorectaal carcinoom is een effect van screening reeds bewezen, maar ook hier blijven veel vragen over de optimale aanpak).

Er werden 68,436 Amerikaanse patiënten tussen 55 en 74 jaar (meestal blank en hoger opgeleid) uit de interventiearm van de studie geïncludeerd. Deze kregen regelmatig volgende onderzoeken:

  • een RX thorax (voorachterwaarts), jaarlijks gedurende 3 of 4 jaar (niet-rokers resp. rokers)
  • flexibele sigmoïdoscopie, herhaald na 5 jaar (oorspronkelijk na 3 jaar, dit werd veranderd tijdens de studie gezien de trend tot langere intervallen)
  • voor mannen: PSA-meting gevolgd door PPA, jaarlijks gedurende 4 jaar (PSA > 4 ng/mL werd als positief beschouwd)
  • voor vrouwen: CA-125 gevolgd door transvaginale echografie, jaarlijks gedurende 4 jaar

Na 3 jaar en 14 screeningsonderzoeken was de kans op een vals-positief resultaat 60% voor mannen en bijna 50% voor vrouwen; de kans op een invasief onderzoek voor een vals-positief resultaat was 28% en 22%, respectievelijk. Bij het begin van de PLCO trial kregen patiënten 4 onderzoeken: na die eerste dag van screeningsonderzoeken bedroeg de vals-positieve ratio al 37% voor mannen en 26% voor vrouwen.

De onderzoekers besluiten dat artsen “de patiënt moeten informeren over de kans op vals-positieve resultaten en daaruit volgende diagnostische interventies” wanneer ze kankerscreening bespreken. Het “snel oplopende cumulatief aantal vals-positieven … blijft belangrijk en te weinig geapprecieerd wanneer screening wordt aangeraden,” volgens de auteurs.

Resultaten per screeningsmodaliteit

Flexibele sigmoïdoscopie had het hoogste aantal vals-positieve resultaten (gedefinieerd als een nodule, massa of poliep, inclusief een adenoom, in een patiënt waarbij 3 jaar later geen carcinoom werd vastgesteld): voor mannen 24% en 42% na 1 en 2 onderzoeken, voor vrouwen resp. 16% en 29%. Deze massa’s werden niet gebiopsieerd, hetgeen in België en Europa wel het geval zou zijn.

Na de 4e RX thorax bedroeg de cumulatieve incidentie van een vals-positief resultaat ongeveer 22% voor beide geslachten. Na 4 PSA-metingen bedroeg dit 13%, en na 4 PPA’s 18%. Na het 4e CA-125 bedroeg de cumulatieve incidentie 4%, voor de transvaginale echo was dit 12%.

Wat betreft het risico op een invasieve procedures uitgelokt door een vals-positieve bevinding, kwam de RX thorax er het beste uit: slechts 0.5% na 4 radiografieën. De sigmoïdoscopie was opnieuw de slechtste: 30% en 22% voor mannen resp. vrouwen. Het risico op een invasief onderzoek was na 4 PPA’s 4.4% en na 4 PSA’s 5.5%. Bij CA-125 en transvaginale echografie bedroeg dit 1.0% resp. 6.7%.

Opmerkingen

Gezien de unieke aard van deze multimodale kankerscreeningstrial, is dit de eerste studie die een realistisch beeld geeft van de kans op een vals-positief resultaat wanneer er herhaaldelijke verschillende kankerscreenings plaatsvinden.

Mammografie is geen onderdeel van de PLCO trial; in een andere studie (NEJM, 1998) bedroeg de incidentie van vals-positieve resultaten na 3 mammografieën 18%, en na 10 mammografieën 49%. Er dient ook op gewezen te worden dat de vals-positieve incidentie bij colopscopie veel hoger zou zijn, en dat dit meer en meer de sigmoïdoscopie vervangt (de studie begon in 1993).

De incidentie van vals-positieven leek vooral bij de eerste screeningstests toe te nemen, daarna was er een geleidelijke, lineaire toename. Volgens de auteurs is er vermoedelijk een deel van de patiënten bij wie altijd een abnormaal resultaat aanwezig is, dat dan bij de 1e screening wordt gedetecteerd en daarna stabiel blijft (denken we aan de 5% van de populatie die buiten de 2 standaarddeviaties valt).

Besluit

Dit is de eerste studie die een combinatie van meerdere, herhaalde screeningsonderzoeken evalueert. De hoge incidentie van vals-positieve resultaten en de invasieve onderzoeken die er op volgen tonen duidelijk de nadelige effecten van screening. Voor verder bewijs omtrent het effect op mortaliteit van deze interventies is het wachten op de definitieve resultaten van de aan de gang zijnde screeningstrials. Tot dan moeten artsen de aangetoonde nadelen afwegen tegen de nog niet bewezen voordelen; dit uitleggen aan patiënten en de screening aanpassen aan de individuele patiënt is zo mogelijk een nog moeilijkere opdracht.

Advertenties

Responses

  1. […] Vals-positieve resultaten bij kankerscreening (19 mei 2009) […]

  2. […] Vals-positieve resultaten bij kankerscreening (19 mei 2009) […]

  3. […] Vals-positieve resultaten bij kankerscreening (19 mei 2009) […]


Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Categorieën

%d bloggers liken dit: