Gepost door: Michaël Laurent | 23 mei 2010

Aanpak van winterdepressie

Drug and Therapeutics Bulletin. Management of seasonal affective disorder. BMJ. 21 mei 2010;340:c2135.

Seasonal affective disorder (SAD) komt meestal voor in de winter maar depressie kan in principe herhaald terugkeren in elk seizoen. Naast typische symptomen (negatieve stemming, moeheid, adynamie) zijn er ook atypische symptomen mogelijk zoals hypersomnie, toegenomen eetlust, suiker-craving en gewichtstoename.

Zowel de DSM-IV als de ICD-10 klasseren SAD als een bijzonder type van majeure depressie of depressie binnen een bipolaire stoornis, eerder dan als een aparte entiteit.

Tabel 1: criteria volgens DSM-IV om van een seizoenaal patroon te spreken binnen majeure depressie of binnen depressieve episodes van een bipolaire stoornis.

  • Regelmatige tijdsrelatie tussen het begin van de depressieve episode en een specifiek jaargetijde (b.v. herst, winter)
  • Volledige remissie (of omslag naar manie of hypomanie) buiten dit seizoen (b.v. in de lente)
  • Twee zulke episodes in de voorbije twee jaar, zonder niet-seizoensgebonden episodes
  • Duidelijk groter aantal seizoensgebonden dan niet-seizoensgebonden depressieve episodes bij hetzelfde individu

Er is evidentie dat SAD een erfelijke basis heeft, waarbij genen in het metabolisme voor serotonine en melatonine betrokken zijn. De aandoening manifesteert zich gemiddeld vanaf 27 jaar, en komt dan 4 keer vaker voor bij vrouwen. Het komt minder voor bij kinderen en ouderen, en even vaak bij beide geslachten in deze leeftijdscategorieën.

Antidepressiva

Gezien de idee dat serotonine metabolisme een belangrijke rol speelt bij SAD, worden vaak SSRI’s gebruikt voor de acute behandeling. Toch zijn er weinig kwaliteitsvolle studies en staat SAD niet steeds vermeld als indicatie op de bijsluiter.

Gezien het min of meer voorspelbaar optreden van depressieve klachten bij het begin van herfst of winter, zou preventieve farmacotherapie overwogen kunnen worden. Er zijn geen studies die preventie met SSRI’s bestudeerd hebben. Er is wel beperkte evidentie dat bupropion de recidiefkans verlaagt tegenover placebo, maar gezien er weinig evidentie is voor bupropion in de acute behandeling, is er zeker meer evidentie nodig vooraleer deze strategie overwogen zou kunnen worden.

Therapie met licht

Het mechanisme achter lichttherapie staat niet duidelijk vast. Men denkt dat blootstelling aan licht de verstoorde circadiane patronen en neurotransmittersystemen terug in balans zou kunnen brengen.

Er bestaan verschillende methoden: men kan op vaste tijdstippen voor een lichtbak gaan zitten, een soort pet dragen met een lichtbron (visor-systeem), of een systeem gebruiken dat de zonsopgang nabootst (dawn-systeem) door aan het einde van de nacht progressief over ongeveer anderhalf uur de lichtintensiteit in de slaapkamer te verhogen.

Er zijn heel wat methodologische moeilijkheden met studies en meta-analyses die inherent zijn aan dit onderwerp, zoals een gebrek aan blindering, mogelijkheid tot placebo-controle en verschillen in gebruikte dosissen. Het is dan ook onduidelijk of lichttherapie effectiever is dan placebo, hoewel de meeste studies een positief effect tonen.

Potentiële neveneffecten zijn meestal mild en tijdelijk; het gaat vooral over last van de ogen of visusstoornissen (19-27%) en hoofdpijn (13-21%), en minder vaak agitatie, nausea, zweten, sedatie en hypomanie. De therapie kan gestart worden op het moment dat de klachten verwacht worden en gestopt worden wanneer de klachten meestal verdwijnen.  De therapie mag abrupt worden onderbroken; moest er toch een recidief optreden kan ze hervat worden.

Andere therapieën

Er zijn twee kleine studies (met 23 en 61 patiënten) die een voordeel toonden van cognitieve gedragstherapie. Andere kleine studies bestudeerden zelfhulpmethoden, vitamine D en negatieve ionen-generatoren.

Wat zeggen de richtlijnen?

Volgens de Amerikaanse vereniging voor psychiatrie kan het volledige scala van behandelingsmethoden voor depressie gebruikt worden bij SAD, alleen of in combinatie met eerstelijns lichttherapie. Volgens de Britse vereniging voor psychofarmacologie kan op basis van beperkte evidentie cognitieve gedragstherapie of bupropion gebruikt worden voor recidiefpreventie.

BESLUIT:

Winterdepressie is een vorm van majeure depressie of bipolaire stoornis waarbij de depressieve episodes optreden en verdwijnen of omslaan naar een (hypo-)manische episode volgens een seizoenaal patroon. Naast typische symptomen zijn er atypische symptomen mogelijk zoals hypersomnie, suikercraving, toegenomen eetlust en gewichtstoename.

SAD kan behandeld worden zoals depressie. Ondanks de beperkingen van het onderzoek lijkt lichttherapie (met een lichtbak of zonsopgang-simulator) een redelijk eerstelijns behandelingsalternatief alleen of in combinatie met andere therapieën. Bij ernstige depressie zijn antidepressiva aangewezen, alleen of in combinatie met cognitieve gedragstherapie en/of lichttherapie. Voor recidiefpreventie is er slechts beperkte evidentie.

Add to FacebookAdd to DiggAdd to Del.icio.usAdd to StumbleuponAdd to RedditAdd to BlinklistAdd to TwitterAdd to TechnoratiAdd to FurlAdd to Newsvine

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Categorieën

%d bloggers liken dit: